Ondertussen werden de Joden in Nederland steeds meer geïsoleerd. Ze mochten niet langer naar de film, naar het park, naar het zwembad. Joden mochten niet meer werken voor niet-Joden. Joodse artsen werden ontslagen, kinderen werden van niet-Joodse scholen verwijderd. Openbare gebouwen als musea, dierentuinen en bibliotheken waren voor hen niet langer toegankelijk. Alle verboden werden in Het Joodsche Weekblad gepubliceerd, een uitgave van de Joodsche Raad. De publicaties gingen vergezeld van de aansporing om te gehoorzamen. Vanaf eind september 1941 mochten Joden tussen acht uur ’s avonds en vijf uur ’s ochtends niet buiten zijn. Vanaf begin november mochten ze ook niet meer verhuizen.
