Begin februari 1941 namen de gewelddadigheden toe. Op 11 februari werd bij vechtpartijen in de oude Jodenwijk een nationaalsocialist dodelijk gewond. De bezetter gebruikte zijn dood als reden om de wijk af te sluiten én om de Joodse gemeenschap te dwingen een 'Joodsche Raad' op te richten, een raad die later een instrument in handen van de Duitsers zou blijken. Ze moest de anti-Joodse maatregelen niet alleen bekendmaken, maar deels ook uitvoeren.
