English
Expositie in Auschwitz
Deportatie
Kamp Vught

- Jacques Furth (1910-2004)
Jacques Furth werd in 1910 in Antwerpen geboren. Na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog keerde het gezin terug naar Amsterdam. Furth werd diamantbewerker.
In februari 1943 moest hij samen met andere diamantbewerkers naar Kamp Vught. De oproep was alleen aan hem gericht. Zijn vrouw, Fietje Furth-Bueno de Mesquita en hun zoontje Dave bleven achter. De diamantbewerkers zouden in Vught in een diamantslijperij te werk worden gesteld, maar deze is er nooit gekomen. Furth kwam terecht bij de Ordedienst. Eén van zijn werkzaamheden was het opvangen en begeleiden van transporten. Hij was getuige van het kindertransport op 6 en 7 juni 1943 waarbij hij moest helpen kinderen die ziek waren naar de trein te dragen. Een sterk vermagerd jongetje, dat hij in zijn armen had, voelde aan ‘als een leeggelopen zaagselpop’. Diep getroffen door dit transport zag hij kans een berichtje naar Fietje te sturen om hun zoontje in veiligheid te brengen. Ruim een jaar later zag hij zijn vrouw terug in Westerbork. Samen gingen zij op transport naar Auschwitz. Fietje overleefde het kamp niet. Opgejaagd door de Russische legers werden de gevangenen, waaronder Jacques Furth, uit Auschwitz naar het westen gedreven. In april 1945 werd hij in Dachau bevrijd. Na de oorlog vond hij zijn zoon terug in Limburg.
Fotograaf onbekend, dhr. D. Furth
- Frits van Hall (1899-1945)
Frits van Hall werd op 8 mei 1899 op Java geboren. Zes jaar later keerde de familie terug naar Nederland. Van Hall volgde beeldhouwlessen aan de Academie van Beeldende Kunst in Amsterdam. Kort na zijn afstuderen won hij de belangrijke aanmoedigingsprijs voor jonge, veelbelovende kunstenaars, de 'Prix de Rome'. Tijdens de oorlog was hij actief in het kunstenaarsverzet. Begin augustus 1943 werd hij opgepakt en naar Kamp Vught gebracht. In een barak die was ingericht als 'atelier' kon hij zijn werk voortzetten. Het lukte hem om enkele reliëfportretjes uit het kamp te smokkelen. Eind februari werd het atelier opgeheven. De nieuwe commandant, Hüttig, vond dat kunstenaars zich nuttig moesten maken voor de Duitse oorlogsindustrie. Op 24 mei 1944 ging Van Hall op transport naar Dachau. Ook in Dachau heeft hij nog kleine reliëfs gemaakt. Vanuit Dachau ging hij op transport naar Auschwitz. Hij stierf tijdens de dodenmars in januari 1945.
Fotograaf onbekend, collectie VMA, Amsterdam