In niet veel meer dan anderhalf jaar tijd - van mei 1942 tot november 1943 - zijn er in
Sobibor vele tienduizenden mensen vermoord. Sobibor is een klein dorpje in de provincie Lublin in het oosten van Polen
en ligt aan de spoorlijn Chelm-Wlodawa. Enkele kilometers naast het plaatsje bouwde de
SS een vernietigingskamp dat dezelfde naam kreeg. Sobibor was samen met Belzec en Treblinka een van de drie Aktion
Reinhard-kampen (de naam verwijst naar
Reinhard Heydrich, hoofd van het Reichsicherheitshauptamt, die in juni 1942 in Praag om het leven is gebracht door twee Tsjechische soldaten die vanuit Engeland waren
uitgezonden). Deze Aktion Reinhard-kampen werden in korte tijd gebouwd nadat op de Wannsee-conferentie in januari 1942 onder leiding van Heydrich was besloten tot de moord op alle Europese Joden. Sobibor was de kleinste van de drie kampen; in Treblinka
zijn bijna 870.000 mensen gedood, in Belzec ruim 600.000 en in Sobibor 170.000 - 190.000. Tussen maart en juni 1943 zijn in negentien transporten 34.313 Nederlandse Joden naar Sobibor gevoerd. Slechts 18 van hen hebben het overleefd.